Pamflet tegen Stork en productie Joint Strike Fighter, wapentuig, januari 2001.
Wapenhandel? Wapenproductie? Hier? Ja, midden in Amsterdam zit een van
de vijf belangrijkste wapenfabrikanten van Nederland. En dat is niet
niks, want Nederland is de op vijf na grootste wapenexporteur in de
wereld en exporteert wapentechnologie naar meer dan 100 landen.
Stork maakt (naast civiele produkten) onderdelen van raketten,
marineschepen, helikopters, jachtvliegtuigen en levert zogenaamde
simulatieapparatuur voor tanks, kanonnen, houwitsers en
pantservoertuigen. Stork is betrokken bij de ontwikkeling van grote
wapensystemen in internationaal verband.
Wapens zijn niet de oorzaak van oorlog, maar de aanwezigheid van veel
wapens maakt de kans op het uitbreken van geweld wel veel groter. En de
bereidheid tot het vreedzaam oplossen van conflicten kleiner. Voor
wapenfabrikant Stork een mooi gegeven, dan blijft er ook vraag naar de
dodelijke handelswaar.
Momenteel is Stork betrokken bij de ontwikkeling van een nieuw
jachtvliegtuig, de zogenaamde Joint Strike Fighter (de opvolger van de
F-16). De Nederlandse regering stak al 200 miljoen gulden in de
ontwikkeling van het jachtvliegtuig. Stork werkt samen met o.a. de
Turkse defensie-industrie en zo wordt het omstreden Turkse leger
(wegens de betrokkenheid bij mensenrechtenschendingen en de oorlog
tegen de Koerden) een partner van de Nederlandse.
De Joint Strike Fighter is net als de F-16 bedoelt voor de export. Zo
worden wapenverkopen in de toekomst al voorbereid. Van F-16 zijn meer
dan 4.000 exemplaren verkocht, naar 21 landen, waaronder: Indonesië,
Israël, Pakistan, Turkije en landen in het Midden-Oosten. De
verwachtingen zijn dat er van de Joint Strike Fighter 5.000 stuks
verkocht zullen worden.
Nederland wil ook nieuwe gevechtsvliegtuigen aanschaffen. Nu al wordt
gezegd dat dit meer dan 10.000 miljoen gulden zal gaan kosten.
Daarnaast overweegt de overheid deel te gaan nemen in de verdere
ontwikkeling van het vliegtuig. Voor deze deelname moet nog eens 1800
miljoen gulden betaald worden. Dit bedrag zal ongetwijfeld verdedigd
worden, door te zeggen: 'dit levert banen op.' Het tekort aan technisch
opgeleid personeel wordt hierbij voor het gemak vergeten. Bovendien als
dit geld in schone milieutechnologie gestoken wordt zou dit ook banen
opleveren.
De kosten zijn enorm, maar dat er met de Joint Strike Fighter veel geld
gemoeid is, is voor ons niet de belangrijkste reden om hier te
protesteren. De belangrijkste reden is: dat wapens doden, dat ze niet
bijdragen aan een veiliger en rechtvaardiger wereld voor iedereen. Het
is inmiddels wel duidelijk dat het voeren van oorlog om de vrede af te
dwingen, zeker niet tot oplossingen leidt en vaak alleen maar meer
slachtoffers kost.
Voorkomen is volgens ons beter dan genezen. Stop Stork, Stop de Joint
Strike Fighter en stop geld in de ontwikkeling van vreedzame manieren
om conflicten op te lossen of technologie die het milieu spaart in
plaats van in peperduur wapentuig. Dat levert ook banen op en nog
belangrijker is een betere bijdrage aan vrede in de wereld.