uit: VD AMOK 1998 nr.1
Frank Slijper
Begin december ondertekenden in het Canadese Ottawa ruim honderd landen
waaronder Nederland het verdrag dat opslag, gebruik, productie en
export van antipersoneelmijnen (AP-mijnen) verbiedt. Zoals verwacht
wierpen de VS, Rusland en China, belangrijke producenten en gebruikers,
een smet op dit mooie resultaat door niet te tekenen.
Hiermee is een probleem ontstaan omtrent de opslag van Amerikaanse
AP-mijnen in buitenlandse wapendepots. Noorwegen heeft als eerste
duidelijk gemaakt dat van Amerikaanse opslag op Noors grondgebied geen
enkele sprake kon zijn. Of de VS in Nederland ook AP-mijnen heeft
opgeslagen blijft onduidelijk. De voorlichter van Defensie erkent dat
de VS zich aan de Nederlandse wet dienen te houden maar beweert
tegelijk dat Nederland geen enkel zicht heeft op wat de Amerikanen in
ons land opslaan en verwijst voor nadere informatie door naar de
Amerikaanse ambassade. Bij het ter perse gaan van dit nummer kon de
ambassade hierover nog geen uitsluitsel geven.
Een andere kwestie speelt op het gebied van gezamenlijke interventies
in het buitenland. Volgens minister Voorhoeve staat het mogelijke
gebruik van AP-mijnen door buitenlandse bondgenoten samenwerking of
onderbevelstelling niet in de weg. Nederlandse troepen zullen in dat
geval gebruik maken van 'alternatieve middelen'. Dit zijn dus
bijvoorbeeld de horizontaaleffectwapens (HEW's) waarover de
Luchtmobiele brigade sinds kort beschikt. Het HEW is een wapen met een
explosieve lading van 932(!) scherven dat op afstand wordt bedient.
In de vorm waarin het HEW is aangeschaft is het volgens de letter geen
AP-mijn. Zonder al te veel problemen kan het echter wel tot AP-mijn
worden omgebouwd. Het aanbrengen van struikeldraad en een ontsteker is
hiervoor voldoende. Deze opvatting was tot voor kort ook Defensie
toegedaan. Het ging er echter van uit dat dit voornamelijk een
theoretische mogelijkheid was. In de controverse die hierover eind
vorig jaar ontstond blijkt Defensie echter een opmerkelijke draai te
hebben gemaakt. Beweerde Voorhoeve in 1996 nog dat de HEW's
"betrekkelijk eenvoudig " zijn om te bouwen tot struikeldraadversies,
ruim anderhalf jaar later is de lezing nogal veranderd. In de
Defensiekrant valt te lezen dat het HEW door zijn "fysieke en
technische eigenschappen ongeschikt" is om misbruikt te worden als
AP-mijn.
Wel geschikt om te verbouwen zijn de 272 CBU-89 Gator systemen. Deze
zogenaamde clusterbommen aan boord van de Nederlandse F-16's zijn
gevuld met antitank- čn antipersoneelmijnen en dus strijdig met het
huidige landmijnenverdrag. Defensie moest dus uitzien naar een
alternatief. De bommen worden nu vervangen door anti-tankmijnen met
'antihanteerbaarheidsmechanisme'. Dit mechanisme is niets minder dan
een AP-mijn maar wordt binnen het verdrag toegestaan. Naar men zegt is
de kans op burgerongelukken klein omdat het mechanisme alleen dan
explodeert wanneer pogingen worden gedaan om de mijnen te ruimen.
kosten van de ombouwoperatie: 21 miljoen gulden.