Wapenhandel: Nederlandse topproducten voor arme landen
Wendela de Vries
--- Nederland staat al jaren hoog in de top-tien van
wapenexporteurs. Na de VS, Rusland, Frankrijk en Duitsland stond ons
land in
2007 op de vijfde plaats, gemeten in financiële omvang van de militaire
export.
Dat we zo hoog scoren komt vooral door de verkoop van grote partijen tweedehands
wapens van het Nederlandse leger (op dit moment heeft de overheid
onder meer Leopardtanks,
Pantserhouwitsers en F-16s in de aanbieding) en door een aantal grote
maritieme
orders. De meeste militaire exporten gaan naar de VS en betreffen in
Nederland gemaakte
onderdelen voor onder meer raketten en gevechtsvliegtuigen, die in de
VS in eindproducten
worden gebouwd. Daarnaast gaan veel wapens naar Duitsland en andere
NAVO-landen.
Maar er staan ook een aantal ontwikkelingslanden op de Nederlandse
klantenlijst.
Damen
De verkoop van geavanceerde
oorlogsschepen met bijbehorende
bewapening en elektronica is een winstgevende en groeiende business
voor
Nederland. Drijvende kracht achter deze nering is Damen,
wereldwijd eigenaar
van vele werven. Hoeveel Damen precies aan zijn militaire activiteiten
verdient
is niet bekend. Omzetcijfers zijn niet openbaar omdat het bedrijf niet
beursgenoteerd is. Naast oorlogsschepen bouwt Damen overigens ook veel
werk- en
pleziervaartuigen. Marineschepen bouwt de het bedrijf onder meer op
scheepswerf
De Schelde in Vlissingen en op zijn werven in Roemenie en Zuid-Afrika.
De schepen van Damen worden veelal uitgerust met
radar en
commandosystemen van Thales,
voorheen bekend als Hollandse Signaal. Ook ingenieursbureau
Imtech is steeds vaker van de
partij bij het optuigen van de grote drijvende
oorlogsplatforms die Nederland wereldwijd exporteert.
Wapens?
Bij wapenhandel wordt vaak in eerste
instantie gedacht aan
handvuurwapens. Maar geweren en pistolen zijn niet de wapens waarmee
het grote
geld wordt verdient. Grote geldmaker is de dure hightech waar Nederland
goed in
is. Hightech ziet er niet zo uit als men zich een wapen voorstelt. Dat
maakt
het voor sommige simpele zielen wat ingewikkeld. Zo sprak Mat Herben,
voormalig
Kamerlid en inmiddels medewerker van de NIDV, de lobby-organisatie voor
de
defensie-industrie, op de beurspresentatie van deze organisatie de
onvergetelijke woorden: “"Er is geen sprake van een wapenbeurs. Je kunt
er
geen pistool kopen. Er is hier geen wapen te bekennen”, om vervolgens
te wijzen
op de stand van Thales (“Nederlands elektronicabedrijf uit Hengelo”) en
op een
model van de Joint Strike Fighter.
Marktuitbreiding
Veel zichzelf respecterende legers uit
armere delen van de
wereld willen de Nederlandse militaire hightech graag kopen. Het gaat
dan niet
om de allerarmste landen, maar wel om landen waar basisvoorzieningen
als
onderwijs en gezondheidszorg voor het gros van de bevolking
allerbelabberdst
zijn. Voor financiering van aankopen kunnen deze landen aankloppen bij
de
Nederlandse overheid voor een exportkredietverzekering. Een kwart tot
een derde
van de exportkredietverzekeringen, die door Economische Zaken ter
beschikking
worden gesteld om export naar politiek en/of economisch instabiele
regio’s te bevorderen,
wordt opgesoupeerd door militaire exporten. Terwijl wapenexport minder
dan 1 %
uitmaakt van de totale Nederlandse export.
Budgetkeuzes
In Marokko, waar de defensiebegroting
een hamerstuk is in
het parlement, en waar bovendien de helft van de volwassen bevolking
analfabeet
is, zal het defensiebudget in 2009 stijgen tot 16% van de
overheidsbegroting
(vergelijk: in Nederland is het 4,5%) Bovenop dat budget komt nog een
extra
bedrag van omgerekend 5.8 miljard euro voor nieuwe aankopen, waaronder
drie
fregatten van De Schelde, uitgerust met Thales en Imtech elektronica.
India,
dat sinds twee jaar terug is op de lijst van grote klanten van
Nederlandse
militaire goederen, heeft een stijging van de defensiebegroting met 34%
aangekondigd. Het budget voor verbetering van het primair onderwijs
laat India
stijgen met slechts 0,43%.
Milleniumdoelen, ATT en EU-gedragscode
Nederland is een warm pleitbezorger van
de Millenniumdoelen,
de acht kerndoelen voor armoedebestrijding van de Verenigde Naties.
Opmerkelijk
is dat in de Millenniumdoelen wel een duidelijke verwijzing staat naar
milieuproblematiek, maar niet naar oorlog en bewapening als oorzaak van
armoede. Zo’n omissie zou in de jaren ’80 ondenkbaar geweest zijn en
weerspiegeld
de huidige zwakte van de vredesbeweging. Het maakt dat wapenhandel naar
ontwikkelingslanden laag op de politieke agenda staat. Wel wordt er
door onder
meer ontwikkelingsorganisaties in VN-verband druk gelobbyd voor een
Arms Trade
Treaty (ATT) dat de internationale wapenhandel moet reguleren. De ATT
is losjes
gebaseerd op de EU Common Position on Arms Export, waarin ethische
criteria formuleert
staan waaraan elke wapenexport moet worden getoetst. In de Common
Position wordt
onder meer gesteld dat moet worden gekeken naar “Compatibiliteit van de
wapenuitvoer met de technische en economische capaciteit van het
ontvangende
land, rekening houdend met de wenselijkheid dat staten aan hun
legitieme
behoeften inzake veiligheid en defensie voldoen met zo gering mogelijke
aanwending van menselijk en economisch potentieel voor bewapening.”.
Papier is geduldig
Sinds de totstandkoming van de
Gedragscode Wapenexport, nu Common position, in
1998 heeft Nederland slechts 4 keer een wapenexportvergunningen
geweigerd op
grond van dit z.g. ‘ontwikkelingscriterium’, op een totaal van 134
afgewezen
vergunningsaanvragen en duizenden toegewezen vergunningen. Kostbare
militaire
aankopen van Bangladesh, Marokko en Indonesië kunnen op basis van de
Common Position gewoon doorgang vinden. (Bangladesh in 2000:
¤ 26 miljoen, Marokko 2008: : ¤ 800 miljoen, Indonesië
2004-2009:
minstens ¤ 1 miljard). De zeer dure Nederlandse marineschepen en
technologie
vallen blijkbaar onder de ‘legitieme defensiebehoefte’ van
ontwikkelingslanden,
die daar, zoals de regering meent, zelf voor kiezen. Maar wiens keuze
is het? Wat
legitieme defensiebehoefte is wordt bepaald legertop en
regeringsleiders en is
niet iets waar de gemiddelde sloppenbewoner een mening over kan geven.
Beleid in praktijk
Millenniumdoelen, ATT en EU Common position zijn
ruim te
interpreteren, weinig verplichtende beleidspapieren, die met nationaal
beleid
ingevuld moeten worden. En dan blijkt het Nederlands beleid in de
praktijk te
bestaan uit het ruimhartig toekennen van vergunningen, het verzekeren
van
exportkredieten en het steunen van Nederlandse deelname aan
wapenbeurzen in
bijvoorbeeld India. Nederland is gericht op exportbevordering, ook als
dit
militaire exporten betreft. Alleen de ergste uitwassen worden
tegengehouden. De
Campagne tegen Wapenhandel bepleit een invulling van het
wapenexportbeleid,
waarbij de verhouding tussen wapenaankopen en armoedebeleid bij
potentiële
klanten een veel grotere rol speelt. En Nederland zou zich moeten
onthouden van
steun en promotie van wapenexport naar ontwikkelingslanden. Want, zoals
iemand
van de Indiase vredesbeweging zei, “Het geld dat wordt uitgegeven aan
wapens is
dringend nodig om alle mensen te voorzien van schoon drinkwater,
sanitair,
onderwijs, voedsel en onderdak.”